Visie

‘Dasein und Ich’ -het bestaan en ik- vormt de rode draad door mijn hele werk. De thema’s daarin zijn: vergankelijkheid, melancholie, pijn, verlangen, strijd, dood, eenzaamheid en erotiek. Mijn worsteling met het leven en de schoonheid van het schurende bestaan.

In ruim 50 jaar als beeldend kunstenaar ben ik geïnteresseerd in het lot van de mens, de existentiële problematiek. Al in mijn eerste expositie in 1969 in de toenmalige galerie der A in Groningen komt dit tot uitdrukking.

In terugblik zie ik de bron als beeldend kunstenaar gelegen in mijn jeugd. Een ingrijpend verlies dat heeft plaatsgevonden is daar mede bepalend in geweest. Gaande weg heeft mijn biografisch leren mij meer en meer inzicht gegeven in mijn levensloop om er vervolgens ook beter richting aan te geven. Je moet het leven achterwaarts begrijpen om het voorwaarts te kunnen leven (citaat filosoof Kierkegaard).

Al existerend, al wat ik doe en maak, is mijn essentie neerzetten. Mijn hele oeuvre zie ik als een neerslag van mijn biografisch proces. Via mijn beelden werd er meer en meer zichtbaar wat mij bezielt. Mijn beelden dragen mij door het leven - mijn beelden, dat ben ik.

In mijn beeldend proces als kunstenaar vonden in de loop van de tijd veranderingen plaats. Ik verliet mijn thuisatelier en ontwikkelde ‘ateliers op locaties’. Dit deed ik in de stad Assen (Stadskunstenaar 1989), de volkswijk Alfama, Lissabon (Facetten uit het leven 2008), de industrie, de farmacie, de biotechnologie, in ziekenhuizen en in het theater. Ik wilde beeldende kunst een betekenis geven in relatie tot de voor mij existentiële kwesties. Techniek/medische technologie bepalen voor een belangrijk deel onze werkelijkheid, maar hoe zit het met onze emoties, het menselijke/wezenlijke? En wat is de betekenis van de illusies binnen het theater in relatie tot buiten het theater. Wie, wat bepaalt wie we wezenlijk zijn?

Terugkijkende op deze veranderingen zie ik deze als steeds weer een reflectie op wat voorafging en tevens een gerichtheid op wat komen gaat. Deze voortdurende veranderingen zijn voor mij een innerlijke noodzaak. Deze moet blijvend gevoed worden. Ik werk altijd verder.

Na vele jaren, rondzwervend als beeldend kunstenaar, keerde ik terug naar huis. Ik was genoeg ‘artist in residence’ geweest. Sinds 2013 werk ik weer vanuit mijn atelier in Bronnegerveen. Ik voel dat dit besluit bij mij past. De kunst van het ouder worden is een aanvaarden van vergankelijkheid, van het bestaan en het overwinnen van de angst voor het naderende einde. Vanuit mijn atelier werk ik verder. Ik neem deel aan groepstentoonstellingen en realiseer solotentoonstellingen.

Beeldende kunst dient uit te nodigen tot nadenken, beleven en ervaren. Mijn werken hebben dan ook geen titel. Het is een prikkeling tot zelfreflectie. Mijn kunst richt zich op het menselijk bestaan, de existentie.

156520_orig.jpg